c’t 06/2026
Apple MacBook Neo – de Windows-killer?
Cover van

Wie een (nieuwe) videokaart wil kopen, krijgt te maken met een groot aanbod aan modellen, specificaties en marketingtermen. Daardoor is het lastig om de juiste grafische kaart te kiezen. In deze keuzehulp leggen we uit waar je op moet letten en welk model het beste aansluit bij jouw wensen.

Van beeldschermuitvoer tot AI-versnelling: welke gpu heb je nodig?

Het is niet eenvoudig om een geschikte grafische kaart te vinden: de beschrijvingen en specificaties hebben te veel technische gegevens, waardoor niet meteen duidelijk is welke geschikt is voor het doel waarvoor jij hem wilt inzetten. Maar geef niet op, want dan ga je je zuurverdiende geld misschien uitgeven aan een verouderd product in plaats van aan een moderne 3D- en AI-versneller.

Is de bestaande grafische kaart defect en heb je een vervanger nodig om de Linux- of Windows-interface weer te geven? Of loopt een nieuwe game zo beroerd dat je het personage nauwelijks kunt besturen en je ogen na een paar minuten vermoeid raken? Wil je experimenteren met het nieuwste AI-model of heeft een workstation­programma een gecertificeerde driver nodig voor bepaalde functies? Of is de ventilator van de oude kaart defect, waardoor hij veel kabaal maakt of helemaal niks meer doet?

In dit artikel maken we je wegwijs in de onoverzichtelijke jungle van grafische kaarten met al hun technische details.

Lees dit artikel verder

Lees over tech-trends en achtergronden, nieuwe apparatuur, software en toepassingen voor professioneel gebruik. Met c’t heb je altijd de juiste tech-informatie. Word abonnee en lees onbeperkt alle artikelen.
Bekijk abonnementen Al abonnee? Log in

Gebruikersdoel

Een nieuwe grafische kaart inbouwen is vooral iets voor desktops. De meeste laptops en moderne Macs met een M-processor bieden geen mogelijkheid om een grafische kaart in te bouwen. Er zijn hier en daar wel uitzonderingen, zoals zeer oude Apple Mac Pro’s, waarbij vervanging in principe mogelijk zou zijn, maar dat is meestal de moeite niet waard en brengt tal van valkuilen met zich mee – zoals koelercompatibiliteit, driverondersteuning en voedingsprestaties.

Ook in de meeste mini-pc’s met een mobiele processor past geen grafische kaart. Bij bijzonder compacte behuizingen is het moeilijk om een mechanisch, thermisch en elektrisch compatibele kaart te vinden omdat er door de beperkte ruimte weinig speelruimte is voor stroomvoorziening en koeling. In dit artikel concentreren we ons op Windows-pc’s.

Voor oudere gpu-modellen die vóór 2018 zijn uitgebracht, zal de driversituatie namelijk aanzienlijk verslechteren en zal de ondersteuning voor Windows 11 komen te vervallen. Om een nieuwe grafische kaart met succes in gebruik te nemen, moet je pc aan een aantal voorwaarden voldoen. Het moederbord moet een lang PCI-Express-slot hebben, ook wel PCI Express for Graphics (PEG) genoemd.

Of die nu het allernieuwste PCIe 5.0 ondersteunt of nog beperkt is tot 3.0 of 4.0 en is aangesloten met acht of zestien lanes, speelt alleen een rol voor de prestaties. De grafische kaart zal in eerste instantie gewoon werken.

De stroomvoorziening speelt een belangrijke rol. Hoe krachtiger een grafische kaart is, des te meer stroom hij uit de voeding haalt. Via PEG wordt echter maximaal 75 watt geleverd. Zelfs instapmodellen grafische kaarten hebben vaak een zes- of zelfs achtpolige aansluiting van de voeding nodig, en talrijke midden- en topklassemodellen zelfs nog meer.

Veel GeForce RTX-kaarten en enkele Radeons hebben een moderne zestienpins aansluiting, die afhankelijk van het model 150 tot 600 watt aankan. In het verleden heeft dat al voor problemen gezorgd op de GeForce-kaarten en betekent dat erg voorzichtig zijn bij de montage. Hoewel hij met een Y-adapter ook op achtpolige PCIe-­kabels kan worden aangesloten, is een voldoende krachtige voeding toch nodig.

En tot slot, iets wat vanwege de voor de hand liggende aard soms over het hoofd wordt gezien: de pc moet voldoende ruimte hebben voor de kaart van je keuze. Meet dus liever nog even na. Niet alleen de dikte van de nieuwe kaart, oftewel hoeveel slotbreedtes hij in beslag neemt, maar ook de lengte en bij bijzonder kleine behuizingen ook de hoogte spelen een rol.

Prijzen en prestaties van moderne grafische kaarten

Grafische-kaartfabrikanten hanteren een vergelijkbaar prijsbeleid als de auto-industrie: er worden steeds meer functies en extra’s geïntegreerd, waardoor zelfs de instapprijzen steeds verder stijgen. Voor een GeForce RTX 5000 en Radeon RX 9000 moet je meer dan 220 euro neertellen, en Intels Arc B begint bij een vergelijkbaar basisbedrag. Let wel: door de stijgende prijzen voor RAM door de grote vraag uit de AI-hoek gaan de grafische kaarten op korte termijn ook te maken krijgen met prijsstijgingen. Het kan zomaar zo zijn dat tegen de tijd dat je dit artikel leest de eerste prijsverhogingen al goed merkbaar zijn.

Sommige langzamere kaarten van de vorige generatie kosten nog tussen de 120 en 200 euro. Bij Nvidia en AMD zijn de instapkaarten voorzien van een magere acht gigabyte grafisch geheugen, wat in sommige gevallen al te weinig is.

Snellere kaarten met acht gigabyte worden door het beperkte geheugen aanzienlijk beperkt in hun prestaties. Intel biedt in het instapsegment minimaal 10 GB, wat momenteel nog net voldoende is voor die klasse. Wenselijk is echter minimaal 12, beter nog 16 gigabyte, waarmee echter al snel de grens van 300 euro bereikt wordt. Voor de GeForce RTX 5060 Ti moet je op ongeveer 350 euro rekenen. Die prijsklasse beperkt al de hogere middenklasse met kaarten zoals de genoemde 5060 Ti, maar ook de Radeon RX 9060 XT 16GB begint bij 350 euro.

Ze zijn voldoende voor full-hd-gaming met volledige details en maken ook uitstapjes naar de volgende hogere resolutie mogelijk. Ultra HD is echter voorbehouden aan de topmodellen en afhankelijk van het spel kun je zelfs daarmee niet elk theoretisch mogelijk grafisch effect benutten.

De indeling naar prijsklassen is zowel willekeurig als vaag – er is geen betrouwbare definitie. Vaak wordt er gesproken over high-end en nog hoger enthusiast-level grafische kaarten wanneer het om bedragen van vier cijfers in euro’s gaat, maar die termen zijn alleen bedoeld om de exorbitante prijzen mooier voor te stellen: welke gamer zou niet graag een ‘gaming enthusiast’ zijn?

Nieuw of toch tweedehands?

Een tweedehands aankoop is zelden de moeite waard. Tussen de weinige goede aanbiedingen bevinden zich op bekende veilingplatforms een groot aantal echte miskopen, om nog maar te zwijgen van mogelijke pogingen tot fraude door malafide handelaren. Een ander probleem is dat je aan tweedehands kaarten meestal niet kunt zien waarvoor ze eerder gebruikt zijn.

Als een kaart jarenlang bij de maximale temperatuur is gebruikt voor cryptomining, kan het zijn dat jij als tweede eigenaar er niet lang plezier van hebt. Ook de vermeende garantie bij aankoop via een handelaar geeft vaak slechts een vals gevoel van zekerheid. Als hij aan de andere kant van de wereld zit, zijn claims moeilijk af te dwingen. Communicatie via verkoopplatforms en de platforms zelf zijn daarbij meestal weinig behulpzaam.

Betere kansen op garantie bieden gevestigde handelaren die gebruikte complete computers verkopen. Zij bieden echter zelden modellen met actuele grafische kaarten aan.

Schermen, uitrusting en raytracing

De vraag of raytracing echt nodig is of slechts een nutteloze marketinghype is, is grotendeels beantwoord. De meeste geïntegreerde grafische modellen en alle grafische kaarten voor desktops sinds de GeForce RTX 2000, de Radeon RX 6000 en Intel Arc-serie beheersen inmiddels de raytracing-technologie.

We kunnen soortgelijke positieve berichten melden op het gebied van beeldschermen: voor de meeste praktische toepassingen volstaan de hdmi- en DisplayPort-aansluitingen van de huidige grafische kaarten, waarbij meestal alleen het aantal aansluitingen van belang is. GeForce- en Arc-kaarten kunnen vier beeldschermen aansturen, Radeons doorgaans ook.

Bij de Radeon zijn er echter uitzonderingen: de RX 9060 XT heeft slechts drie aansluitingen, de oudere RX-6500/6400-kaarten slechts twee. Als je van plan bent om meer monitoren te gebruiken, kun je beter ergens anders kijken. Of het nu gaat om DisplayPort 2.1 met UHBR13.5, UHBR20 of UHBR40 datasnelheid: dat speelt alleen een rol bij resoluties ver boven 4K in combinatie met verversingsfrequenties boven 120 Hz.

Dergelijke beeldschermen zijn momenteel echter niet in de handel verkrijgbaar. Belangrijk om te weten: bij dergelijke ultrahoge resoluties en verversingsfrequenties moeten display-engines in de grafische chip gekoppeld worden. Dan moet je je beperken tot twee monitoren.

De PCI-Express-aansluiting is achterwaarts compatibel, zodat huidige PCIe 5.0-kaarten op moederborden met bijvoorbeeld PCIe 3.0 werken of kaarten met een x8-aansluiting in x16-slots en omgekeerd.

Er is een kleine beperking bij Intel Arc: je hebt een modernere basisconfiguratie nodig. Voor het upgraden van een oudere pc zijn de Arc B580, net als hun voorgangers, slechts beperkt geschikt. Intel geeft als minimum de Core i 10000-generatie met een chipset uit de 400-serie en een werkende resizeable bar-functie, of als alternatief ten minste een Ryzen 3000 (niet G!) met een 500-chipset en de functie Smart Access Memory.

Bovendien werken sommige energiebesparende modi voor inactieve toestanden alleen als Active State Power Management (native ASPM) is ingeschakeld bij de BIOS-instellingen.

De PEG-aansluiting speelt een grotere rol in termen van prestaties naarmate de grafische kaart sneller is en minder geheugen heeft. Grafische kaarten uit het middensegment kunnen nog goed uit de voeten met een x8-aansluiting, vooral als de kaart en het moederbord PCIe-versie 5.0 ondersteunen. Per generatie verdubbelt grofweg de overdrachtssnelheid per kabelpaar: een 5.0-x8-aansluiting haalt in de praktijk met ongeveer 27 gigabyte per seconde ongeveer evenveel als een 4.0-x16-slot.

Het wordt problematischer wanneer een smalle verbinding en oudere PCIe-generaties worden gecombineerd: bij 3.0-x8 worden gegevens met minder dan acht gigabyte per seconde naar de grafische kaart gestuurd. Dat kan de prestaties in games, bij renderen of bij AI-toepassingen verminderen.

Voor video

Veel grafische kaarten ondersteunen de processor niet alleen bij het decoderen van video’s, maar ook bij het bewerken ervan of bij het converteren van het opnameformaat naar een ruimtebesparend formaat (encoding). Moderne codecs, met name AV1, maar ook H.265/HEVC of VP9, hebben daar behoorlijk wat rekenkracht voor nodig.

De gespecialiseerde schakelingen van moderne grafische kaarten kunnen helpen om een groot deel van de benodigde tijd te besparen, maar zijn minder flexibel dan encoding op de cpu. Bovendien ondersteunen niet alle programma’s alle video-eenheden in de grafische chips en sommige hebben updates nodig om de huidige functies volledig te benutten.

Voor video-engines geldt: hoe nieuwer, des te beter. De generaties sinds de GeForce RTX 4000, Intel Arc A en Radeon RX 7000 hebben ook AV1-compatibele encoders, die in hun opvolgers voor enkele speciale gevallen nogmaals zijn verbeterd. Snellere grafische kaarten, met name bij de GeForce-serie, hebben vaak meerdere encoderblokken en zijn daarom niet alleen sneller bij 3D-games.

De Intel Arc B500 onderscheidt zich daar enigszins omdat de encoders ook VP9 en het XAVC-H-formaat van Sony ondersteunen. Als je video’s bewerkt en niet alleen converteert, ben je afhankelijk van de functionaliteit van software: niet alle programma’s besteden alle functies en effecten uit aan de grafische kaart, zodat sommige workflows weinig tot geen voordeel hebben van een nieuwe grafische kaart.

Lees onafhankelijke analyses over tools, talen, hardware en software. Schrijf je in voor onze gratis nieuwsbrief.
Ontvang elke week het laatste IT-nieuws, de handigste tips en speciale aanbiedingen.

Veel geheugen

We hebben het onderwerp geheugen hierboven al kort aangestipt. In het algemeen geldt: hoe meer, des te beter. Acht gigabyte is het absolute minimum, wat vandaag de dag al enkele harde beperkingen met zich meebrengt bij 3D-games, maar ook bij AI of bij renderen: als de resolutie te hoog is, het AI-model te uitgebreid of de 3D-scène te complex, dan geven applicaties vaak een foutmelding.

Het zinvolle minimum voor 3D-games is momenteel nog 10 GB, zoals bij de Intel Arc B570. Vooral bij snellere grafische kaarten moet het echter meer zijn en als je met generatieve AI wilt experimenteren, kun je niet genoeg geheugen hebben om zo groot mogelijke modellen met een betere responskwaliteit te kunnen gebruiken.

In de hogere klasse vanaf ongeveer 400 euro moet je kiezen voor een model met 16 GB. Met name bij Nvidia’s GeForce-kaarten wordt dat met de 5070 Ti al snel erg duur (al snel 780 euro) Daaronder heb je alleen de keuze tussen 12 GB bij de RTX 5070 en 16 GB bij de langzamere 5060 Ti. AMD’s Radeon RX-kaarten bieden meer geheugen voor minder geld. Zelfs de RX 7600 is verkrijgbaar als XT-variant met 16 GB, net als de RX 9060 XT. Intel biedt bij zijn Arc-grafische kaarten alleen de oudere A770 met 16 GB aan.

Workstation grafische kaart

Het gebruik van grafische kaarten voor workstations is een complex specialisme en hangt vooral af van de betreffende toepassing en de leverancier van het systeem. De belangrijkste reden voor het gebruik van een van de meestal veel duurdere grafische kaarten voor work­stations is de gecertificeerde driver van de softwarefabrikant.

Die koppelen belangrijke functies aan de herkenning van een door hen geteste en ondersteunde driver. Als die ontbreekt, zijn processen soms veel langzamer of kunnen sommige functies helemaal niet worden gebruikt. Met name Nvidia koppelt ook stuurprogrammafuncties aan de aanwezigheid van een workstation grafische kaart, zoals de draadmodelleringsweergave met anti-aliasing in het CAD-/CAM-/CAE-pakket Siemens NX 4. De workstationversie is daarbij meer dan 20 keer zo snel als de GeForce-variant met dezelfde basis grafische chip.

Veel grafische kaarten voor work­stations hebben echter ook bijzonder veel geheugen. Terwijl 32 GB het maximum is voor de Geforce RTX 5090 bij grafische kaarten voor games, heeft de RTX 6000 Ada 48 GB en de huidige generatie tot 96 GB. Bij veel grafische kaarten voor workstations kunnen gebruikers ook de ECC-geheugenbeveiliging activeren. In tegenstelling tot bij servers neemt die echter een deel van de geheugencapaciteit en -overdrachtssnelheid in beslag.

Dat alles heeft zijn prijs. Vooral de snellere grafische kaarten voor workstations kosten al snel drie of vier keer zoveel als vergelijkbare gamingmodellen en ook in het instapsegment zijn twee keer zo hoge prijzen gebruikelijk. Als je je geld verdient met dergelijke toepassingen, zijn dergelijke uitgaven de moeite waard, maar particulieren kunnen de extra euro’s beter besparen.

Prestaties en conclusie

Voor een nieuwe grafische kaart moet je op dit moment aanzienlijk meer betalen dan voorheen. Dat geldt niet alleen voor de topmodellen, waarvoor er nauwelijks grenzen lijken te zijn, maar ook voor de instapmodellen. Enerzijds dekken geïntegreerde grafische eenheden van processors steeds meer toepassingen, anderzijds neemt ook het functiebereik van instapkaarten steeds verder toe.

Hier geldt: slikken of stikken, afgeslankte modellen zonder bijvoorbeeld raytracingfuncties zijn al drie kaartgeneraties niet meer verkrijgbaar.

Anderzijds neemt wel het risico op miskopen door ontbrekende functies af: of het nu gaat om moderne video-engines of actuele display-aansluitingen tot ver boven 4K – de huidige modellen kunnen dat allemaal makkelijk aan. En hou rekening met (binnenkort) minimaal 10 procent hogere prijzen door de gestegen RAM-prijzen daar nog eens bovenop. Een gedetailleerde prestatieanalyse van verschillende grafische kaarten van de afgelopen negen jaar staat in onze [performance guide voor grafische kaarten].

Carsten Spille en Alieke van Sommeren

Inspiratie in je mailbox

Blijf bij op IT-gebied en verbreed je expertise. Ontvang elke week artikelen over de laatste tech-ontwikkelingen, toepassingen, nieuwe hard- en software én ontvang tips en aanbiedingen.

Loginmenu afsluiten